Créer un test
Connectez-vous !
Cliquez ici pour vous connecter
Nouveau compte
4 millions de comptes créés

100% gratuit !
[Avantages]


- Accueil
- Accès rapides
- Imprimer
- Livre d'or
- Recommander
- Signaler un problème


Recommandés :
- Jeux gratuits
- Nos autres sites



Publicités :
   


Apprendre le néerlandais > Cours & exercices de néerlandais > test de néerlandais n°117323 : Substantifs familiers

> Plus de cours & d'exercices de néerlandais sur les mêmes thèmes : Argot | Mots [Autres thèmes]
> Tests similaires : - Expressions familières
> Double-cliquez sur n'importe quel terme pour obtenir une traduction...


Substantifs familiers


Les substantifs familiers.

 

 

A vous de trouver le substantif qui donnera un sens à chacune des phrases de ce test.

 

Bonne chance 

 

 

 

 



Avancé Tweeter Partager
Exercice de néerlandais "Substantifs familiers" créé par ilona2 avec le générateur de tests - créez votre propre test ! [Plus de cours et d'exercices de ilona2]
Voir les statistiques de réussite de ce test de néerlandais

Merci de vous connecter au club pour sauvegarder votre résultat.


1. Tijdens een straatgevecht langs de kade, hebben de dronken jongens een voorbijganger in elkaar geslagen en hem daarna in de gegooid.

2. Ik ben vaak moe omdat ik bijna nooit goed kan slapen. Mijn buurvrouw werkt 's nachts en haar voelt zich erg eenzaam. Hij blaft de hele nacht en houdt me wakker.

3. In zijn jonge jaren was Sjaak een echte . Elke keer dat ik hem zag was hij met een ander meisje. Maar hij heeft nu de liefde van zijn leven gevonden en hij is eindelijk getrouwd.

4. Hans was erg trots op zijn grote . Op advies van zijn vader heeft hij hem afgelopen maand toch maar verkocht. Hij kon namelijk het hard intrappen van het gaspedaal niet laten. Hierdoor moest hij vaak hoge boetes betalen.

5. Het is ijskoud buiten en er ligt een dik pak sneeuw. Toch moet ik naar de nachtwinkel om de hoek want mijn zijn op.

6. Marloes koopt altijd van nieuwe kleding en dure schoenen. Haar moeder vermoedt al een hele tijd dat haar dochter uit haar portemonnee pikt.

7. Je kan niet zeggen dat Annemieke een voobeeldige moeder is. Zij zit de hele dag op haar luie naar de televisieseries te kijken en zij vergeet vaak om de luier van het kindje te verschonen. Haar baby huilt voortdurend, waarschijnlijk omdat hij steeds natte billen heeft.

8. Mijn dochter heeft die in een bar ontmoet. Ja, hij is aardig; toch vind ik het zo jammer dat hij af en toe vulgaire taal gebruikt. Ik vraag me af waar hij dat allemaal geleerd heeft.

9. Sinds ik besloten heb om niet meer de kamer van mijn zoon op te ruimen, is het bij hem een complete . Het lijkt erop dat ik mezelf heb gestraft want ik kan er niet meer tegen terwijl hij zelf daar blijkbaar geen hinder van ondervindt.

10. Toine speelt op internet tot laat in de nacht. Daardoor heeft hij altijd moeite om op tijd uit zijn te komen. Dat is de reden waarom hij elke ochtend te laat naar school gaat.









Fin de l'exercice de néerlandais "Substantifs familiers"
Un cours ou un exercice gratuit de néerlandais pour apprendre gratuitement le néerlandais (tags: argot mot )
Tous les exercices | Plus de cours et d'exercices de néerlandais sur les mêmes thèmes : Argot | Mots

Partager : Facebook / Google+ / Twitter / ... 


> INDISPENSABLES : TESTEZ VOTRE NIVEAU | GUIDE DE TRAVAIL | NOS MEILLEURES FICHES | Fiches les plus populaires | Aide/Contact

> COURS ET TESTS : Abréviations | Accords | Adjectifs | Adverbes | Alphabet | Animaux | Argent | Argot | Articles | Audio | Auxiliaires | Chanson | Communication | Comparatifs/Superlatifs | Composés | Conditionnel | Confusions | Conjonctions | Connecteurs | Contes | Contraires | Corps | Couleurs | Courrier | Cours | Dates | Dialogues | Dictées | Décrire | Démonstratifs | Ecole | Etre | Exclamations | Famille | Faux amis | Films | Formation | Futur | Fêtes | Genre | Goûts | Grammaire | Grands débutants | Guide | Géographie | Heure | Homonymes | Impersonnel | Infinitif | Internet | Inversion | Jeux | Journaux | Lettre manquante | Littérature | Magasin | Maison | Majuscules | Maladies | Mots | Mouvement | Musique | Mélanges | Métiers | Météo | Nature | Nombres | Noms | Nourriture | Négations | Opinion | Ordres | Participes | Particules | Passif | Passé | Pays | Pluriel | Politesse | Ponctuation | Possession | Poèmes | Pronominaux | Pronoms | Prononciation | Proverbes | Prépositions | Présent | Présenter | Quantité | Question | Relatives | Sports | Style direct | Subjonctif | Subordonnées | Synonymes | Temps | Tests de niveau | Tous les tests | Traductions | Travail | Téléphone | Vidéo | Vie quotidienne | Villes | Voitures | Voyages | Vêtements


> NOS AUTRES SITES GRATUITS : Cours d'anglais | Cours mathématiques | Cours d'espagnol | Cours d'allemand | Cours de français | Outils utiles | Bac d'anglais | Learn French | Learn English | Créez des exercices

> INFORMATIONS : Copyright - En savoir plus, Aide, Contactez-nous [Conditions d'utilisation] [Conseils de sécurité] Reproductions et traductions interdites sur tout support (voir conditions) | Contenu des sites déposé chaque semaine chez un huissier de justice | Mentions légales / Vie privée / Cookies .
| Cours et exercices de néerlandais 100% gratuits, hors abonnement internet auprès d'un fournisseur d'accès.